viewmodel.jpg

wie zijn we

VW mag is gecreëerd door
The View Concepts:
de broedplaats voor nieuwe perspectieven op dagelijkse dingen.
Online, offline en live.

ik ben geen praatpaal

ik ben geen praatpaal

Dafy-Hagai-courtesy-of-Prestel.jpg

Wanneer je jong bent en een gejaagd leven leidt, kun je nieuwe mensen makkelijk met kameraden voor het leven verwarren. Nu ik de dertig nader en ambitieuzer (lees: drukker) ben, is mijn kijk op sommige relaties logischerwijs veranderd. Vriendschap en intimiteit komen bij mij mede voort uit lange avonden aan de keukentafel waarbij de interesse in elkaars leven wederzijds is. Je wilt zorgen voor elkaar, samen kunnen huilen en praat over de allerkleinste en allergrootste onderwerpen. Discussies over buitenlandse politiek worden afgewisseld met herinneringen aan onze streken als jonge studenten. Maar van tijd tot tijd wil je ook samen op de bank kunnen Netflixen zonder de druk te voelen om iets te moeten zeggen.

Vaak ben ik te stellig geweest in mijn niet-veroordelende houding naar beste vrienden, uit angst dat ik ze zou kwetsen met een andere visie of de ‘orde’ zou verstoren. Socioloog Robert N. Bellah ziet het echter als noodzaak dat je elkaar kritisch benadert. Hij pleit ervoor dat we het beste uit elkaar moeten halen en elkaar in het ‘goede’ moeten stimuleren, vooral nu plezierig tijdverdrijf en ‘onvoorwaardelijke acceptatie’ de overhand lijkt te hebben:

(…) it is one of the main duties of friends to help one another to be better persons: one must hold up a standard for one’s friend and be able to count on a true friend to do likewise. Traditionally, the opposite of a friend is a flatterer, who tells one what one wants to hear and fails to tell one the truth (Habits of the Heart, Bellah, Robert N. et al, 1985).

Het begint me te dagen dat degenen die het dichtst bij me staan me ook een schop onder mijn kont hebben durven geven. Ik vraag me af of hoe het me was afgegaan zonder hun steun of hun lef om kritische vragen te stellen; ‘Waarom ga je deze studie doen?’ ‘Moet je per se trouwen?’ ‘Gooi je nou niet de handdoek in de ring?’ Ik heb het ze niet alleen vergeven, ik ben ze er dankbaar voor. Volgens socioloog Bellah een teken van een goed functionerende vriendschap.

Door de jaren heen heb ik mensen ontmoet tijdens mijn studie, reizen of door middel van bijbaantjes die ik als jonge twintiger vrij snel tot ‘vrienden’ bombardeerde. Wat ons bond waren niet zozeer jeugdervaringen of diepzinnige gesprekken, maar een voorliefde voor dansen, films of onze gemeenschappelijke vrienden. Ik vertelde hen net zo veel details over mijn persoonlijke leven en vroeg ze, nieuwsgierig als ik was, het hemd van het lijf. Volgens hoogleraar William Deresiewicz leeft er onder jongeren, die sneller in aanraking komen met nieuwe mensen, namelijk het idee “dat intimiteit bestaat uit dingen opbiechten (…) en geloven dat je levensverhaal uitstorten de snelste route naar vertrouwen is.” Dit idee strookt niet alleen met mijn gedrag destijds, ik herken het ook bij anderen die nu aan het begin van hun roaring twenties staan.

Na je adolescentie kun je in een fase van chaos terechtkomen (zie: een quarter- life crisis), voordat je levensgrote beslissingen moet maken over relaties, een hypotheek of kinderen. Dan kunnen sommige vrienden een enorme steun voor je zijn, maar van een aantal blijft een luisterend oor uit.

Toen ik in die fase zat en iets kwijt moest, werd mijn verhaal soms gebagatelliseerd, terwijl mijn gesprekspartner zeer gewillig zijn of haar hart bleef uitstorten. Erger nog, als ik dit 'interview' dan niet op gang hield door vragen te stellen, viel het soms doodstil.

De ‘oude Ela’ wilde dit soort moeizame gesprekken nog wel eens door de vingers zien, loyaal dat ze was aan haar enorme vriendenkring. ‘Ela 2.0’ heeft daar geen zin meer in. Waarom zou ik willen afspreken met degenen die het zo fijn vinden om hun eigen stem te horen? Zij die steevast vergeten te vragen hoe het met jou gaat, wat jou aan het hart gaat, wat je drijft, wat je ambities zijn, kortom: een minimale dosis interesse hebben in jouw belevingswereld. Als je alleen maar benieuwd bent naar wat voor muziek ik luister of waar ik komend weekend ga stappen, check dan maar mijn Facebook-pagina.

Mensen die in hun eigen bubbel opgaan en geen weet hebben van andermans lief en leed zijn natuurlijk niet per definitie slechte mensen, dat begrijp ik ook wel. Sommigen hebben hun navelstaarderij simpelweg niet door. Echter, voor mij betekent een goede vriendschap niet langer dat je louter je hart kunt luchten. Als ik keer op keer geen affectie ervaar tijdens onze gesprekken en word gereduceerd tot praatpaal, dan blijf ik liever thuis om een boek te lezen.

Ik kan me de naïeve, idealistische, jonge twintiger die ik was nog goed voor de geest halen. Ik geloofde puur en alleen in aardigheid, had een onmiskenbaar grote interesse in Jan en Alleman (want iedereen heeft ‘een verhaal’), sprak mijn onvoorwaardelijke liefde uit voor mijn twintig a dertig vrienden (!) en was zo loyaal en attent dat het soms een competitie leek te zijn.

De Ela die bijna twintiger-af is, met horecawerk probeert rond te komen om zich daarnaast te kunnen wijden aan schrijven, heeft hier geen zin meer in. Mensen waar ik om geef, die speechten toen ik ging trouwen, die ik na al die jaren nog steeds hilarisch vind, die me aan het denken zetten en me na iedere ontmoeting een positief gevoel geven, zijn degene bij wie ik Ela kan zijn en die mijn kostbare tijd waardig zijn. Gelukkig kan ik hen op één hand tellen.

Geschreven door Elanur Colak

 

Beeld: Dafy Hagai - Courtesy of Prestel

toen geluk nog heel gewoon was

toen geluk nog heel gewoon was

het gevaar van het serie-syndroom

het gevaar van het serie-syndroom